Van de redactie

Drie weken geleden ging er een siddering door mijn lijf toen ik professor Hein Gooszens van het UMC op de televisie zag en hoorde.
Hij had te melden dat er gedurende een testperiode veel meer mensen aan een acute alvleesklierontsteking zijn overleden die een middel (probiotica) toegediend hadden gekregen dan zij die een placebo hadden ontvangen.
Mijn gedachten gingen terug naar Maart 2004.
Doodziek, kermend van de pijn, werd ik het ziekenhuis binnengebracht.
Ik was te ziek om de verpleegster van repliek te dienen die de grofheid had om te vragen of ik een donorcodicil en/of een euthanasieverklaring had. (Bij het behandelen van mijn klacht bleek overigens dat zij haar boekje ver te buiten was gegaan.)
ik ril weer bij de gedachte dat de vraag "gaat u er mee akkoord dat wij een middel op u gaan uittesten, ook aan mij gesteld had kunnen worden.
Zou ik "Ja" hebben gezegd?
Ik denk zeker te weten dat ik dat gedaan zou hebben.
In de eerste plaats omdat ik te ziek was om na te denken en in de tweede plaats hoop je dat het middel een gunstige uitwerking zal hebben.
Maar de werkelijkheid is dat ik dan driemaal meer kans op de dood had dan bij de traditionele behandelwijze (lange tijd niks, maar dan ook niks eten en drinken)
Op de vraag van een journalist waarom hij er nu (24 januari) pas mee naar buiten komt terwijl hij al in november wist dat het toedienen van probiotica desastreus is, antwoordde hij:"We wilden in een gerenommeerd medisch tijdschrift publiceren".
Voor eigen glorie verzwijgen dat het onderzoek beduidend meer doden oplevert is ronduit verschrikkelijk.
Op dit ogenblik doe ik, net als enkele andere "klanten van de cardioloog" mee aan een langdurig margarineonderzoek.
Mocht blijken dat ze doorgaan met de proef terwijl ze zouden weten dat er doden vallen, ga ik met een eind hout naar het onderzoeksinstituut in Veenendaal.